| WIM QUIST | |||
Daarna ontwerpt hij meer interieurs en meubelen, meestal in samenhang met de architectuur. Bekende meubelen zijn de meubelen uit 1982-1984 voor de werkvertrekken van de koningin in het Paleis Noordeinde in Den Haag. Quist ziet het meubel als een klein gebouw: beide behoren dienstbaar, doelmatig en duurzaam te zijn en een neutrale sfeer uit te ademen. Bij het ontwerpen gaat hij uit van de eisen die de opdrachtgever aan het meubel stelt. Quist’s bewondering voor het functionalisme, met name de Finse uitwerking daarvan, komt in zijn vormgeving tot uiting: de meubelen hebben strakke, geometrische vormen en rechte lijnen, maar Quist gaat daar vrijer mee om dan functionalistische ontwerpers, bijvoorbeeld door de poten als schuin geplaatste vlakken te ontwerpen. Daarnaast gebruikt hij veel glas en metaal. Hij geeft zijn meubelen geen decoraties, maar let wel op details, zoals de spleet in de bank BQ 01 voor Spectrum. Quist heeft voornamelijk woningen, kantoren, fabrieken en openbare gebouwen als bibliotheken en musea ontworpen. De uitbreiding van het Kröller-Müllermuseum (1970-1977) is een van zijn bekendste werken. Daarnaast heeft Quist zitting in diverse jury’s voor architectuurprijzen. |

